ECLI:NL:HR:1999:AA2882
Hoge Raad
- Cassatie
- Pos
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie tegen belastingaanslag 1994
In deze zaak betrof het een beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem over een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 1994. De Hoge Raad stelde vast dat de gemachtigde van de appellant niet binnen de gestelde termijn een schriftelijke machtiging had overgelegd, ondanks een verzoek daartoe per aangetekende brief.
Als gevolg hiervan verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er werden geen proceskosten aan de zijde van partijen toegewezen, conform artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
Het arrest werd vastgesteld op 22 september 1999 door de raadsheren Pos (voorzitter), Beukenhorst en Monné, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier Bolle.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet overleggen van een schriftelijke machtiging.