ECLI:NL:HR:1999:AA2908
Hoge Raad
- Cassatie
- Pos
- Monné
- Kop
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen naheffingsaanslag loonbelasting wegens niet-toepassing studentenregeling
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd over het jaar 1994 ter waarde van f 30.490,--. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde in cassatie dat de naheffingsaanslag onterecht was omdat de studenten- en scholierenregeling niet was toegepast op de betreffende loonbetalingen.
De Hoge Raad oordeelde dat de regeling terecht buiten toepassing was gelaten omdat de betrokken werknemers niet de vereiste loonbelastingverklaring hadden ingeleverd of anderszins kenbaar hadden gemaakt dat de regeling van toepassing was, zoals vereist in artikel 22a van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 1990. Ook was er geen sprake van discriminatie, aangezien dezelfde regeling niet werd toegepast op Nederlandse werknemers die eveneens niet voldeden aan de voorwaarden.
De overige klachten van belanghebbende werden niet behandeld wegens gebrek aan belang. De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de naheffingsaanslag wordt bevestigd.