ECLI:NL:HR:1999:AA3812
Hoge Raad
- Cassatie
- Stoffer
- Zuurmond
- Pos
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt navorderingsaanslag successierecht na overlijden vruchtgebruik
De zaak betreft een navorderingsaanslag in het recht van successie opgelegd aan X naar aanleiding van zijn verkrijging uit de nalatenschap van A, die op 23 december 1976 overleed. Na bezwaar en beroep bij het Gerechtshof te ’s-Gravenhage werd de aanslag gehandhaafd.
Het Hof oordeelde dat X en zijn echtgenote ieder het vruchtgebruik van de onverdeelde helft van het vermogen hadden verkregen, waarbij het vruchtgebruik van de andere helft onder de opschortende voorwaarde van overleving van de echtgenoot stond. Met het overlijden van de echtgenote in 1990 vervulde deze voorwaarde, waardoor X het vruchtgebruik verkreeg uit de nalatenschap van A.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de Inspecteur geen onrechtmatig vertrouwen heeft gewekt door de oorspronkelijke berekeningswijze te volgen. Er worden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend, en een onterecht betaalde vergoeding wordt teruggegeven.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de navorderingsaanslag in het successierecht wordt bevestigd.