ECLI:NL:HR:1999:AA3836
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Roelvink
- raadsheer Heemskerk
- raadsheer Van der Putt-Lauwers
- raadsheer Fleers
- raadsheer Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest en verwijzing in zaak bestuurdersaansprakelijkheid wegens kasgeldverdwijning
De zaak betreft een geschil tussen een failliete B.V. en haar voormalig directeur over de aansprakelijkheid voor het verdwijnen van kasgeld. De curator van de failliete B.V. vorderde betaling van een bedrag wegens vermeende verduistering. De rechtbank veroordeelde de directeur tot betaling, wat door het hof werd bekrachtigd.
De directeur stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom hij aansprakelijk zou zijn, vooral omdat het beheer van de kas mogelijk bij zijn echtgenote lag. Daarnaast stelde hij dat als bestuurder alleen sprake kan zijn van aansprakelijkheid bij ernstige verwijtbaarheid, en als werknemer slechts bij opzet of bewuste roekeloosheid. Het hof had hierover onvoldoende overwogen.
De Hoge Raad oordeelde dat het arrest van het hof niet in stand kan blijven vanwege deze gebreken en vernietigde het arrest. De zaak werd verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling en beslissing. De curator werd veroordeeld in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling.