ECLI:NL:HR:1999:AA3937
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Pos
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over toepassing reiskostenforfait bij thuiswerkplek
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1996 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f 61.827,--. Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar en bevestigd door het Hof Arnhem. De kern van het geschil betrof de toepassing van het reiskostenforfait, waarbij de werkgever en belanghebbende onterecht uitgingen van de thuiswerkplek als arbeidsplaats, terwijl de Inspecteur het kantoor van de werkgever als arbeidsplaats aanmerkte.
Het Hof oordeelde dat het boekenonderzoek bij de werkgever geen rechtens te beschermen vertrouwen had gewekt over de fiscale behandeling van de reiskostenvergoeding en dat de vergoeding niet kon worden aangemerkt als een "andere dan individueel toegekende kostenvergoeding" in de zin van de Resolutie van 1984, omdat deze alleen aan belanghebbende was uitgekeerd, ondanks dat de vergoeding in de CAO was geregeld.
De Hoge Raad stelde vast dat het Hof onvoldoende inzicht gaf in zijn overwegingen omtrent de aard van de vergoeding in relatie tot de CAO en de Resolutie. De Hoge Raad oordeelde dat indien een vergoeding op grond van een CAO zonder meer aan werknemers toekomt, dit anders is dan een individuele toekenning en dat het Hof dit had moeten motiveren. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest.
De Staatssecretaris van Financiën werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding en moest aan belanghebbende het griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling.