ECLI:NL:HR:1999:AA4206
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Korthals Altes
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Pos
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt belastingheffing ondanks vrijstelling op grond van Verdrag van Ottawa
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1990 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f 24.705. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslag, maar het Hof vernietigde deze uitspraak en verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen van f 16.445.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de vrijstelling uit artikel 19 van Pro het Verdrag van Ottawa een absolute werking heeft, waardoor het salaris van haar echtgenoot niet meegeteld mag worden bij haar belastingheffing. De Hoge Raad oordeelde echter dat het niet in strijd is met deze vrijstelling om de echtgenoot als niet-inkomsten genietend te behandelen, waardoor belanghebbende het hoogste arbeidsinkomen wordt toegerekend en de inkomsten uit vermogen bij haar belast worden.
Ook de premie volksverzekeringen werd volgens de Hoge Raad terecht geheven, conform artikel 14 van Pro de Wet financiering volksverzekeringen en het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989. De klachten van belanghebbende faalden en het beroep in cassatie werd verworpen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen blijft gehandhaafd.