ECLI:NL:HR:1999:AA4798

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 september 1999
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
34651
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • R.J.J. Jansen
  • Van Brunschot
  • Van Vliet
  • Hammerstein
  • Lourens
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzakenWet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag belasting personenauto's en motorrijwielen

Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd in de belasting van personenauto's en motorrijwielen, inclusief een verhoging van honderd procent waarvan vijfentwintig procent werd kwijtgescholden. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en verhoging. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat de aanslag en verhoging bevestigde.

Hierop stelde belanghebbende cassatieberoep in bij de Hoge Raad met twee middelen, waarvan één betoogde dat het Hof buiten de rechtsstrijd was getreden. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof niet buiten de rechtsstrijd was getreden en dat het oordeel van het Hof juist was, waardoor beide middelen faalden.

De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verwierp het cassatieberoep, waarmee de uitspraak van het Hof definitief werd bevestigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de naheffingsaanslag met verhoging blijft gehandhaafd.

Uitspraak

Nr. 34651
15 september 1999
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 12 mei 1998 betreffende na te melden naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen, aanslagnummer 001, opgelegd ten bedrage van f 32.195,-- met een verhoging van de nageheven belasting van honderd percent, van welke verhoging de Inspecteur bij het vaststellen van de aanslag kwijtschelding heeft verleend tot op vijfentwintig percent. Na daartegen gemaakt bezwaar, heeft de Inspecteur bij gezamenlijke uitspraak de naheffingsaanslag en de beschikking inzake de verhoging gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof dat deze uitspraak heeft bevestigd.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen van cassatie voorgesteld.
De Staatssecretaris van Financiën heeft bij vertoogschrift het cassatieberoep bestre-den.
3. Beoordeling van de middelen van cassatie
Anders dan in middel II wordt aangevoerd is het Hof in zijn rechtsoverweging 4.1 niet buiten de rechtsstrijd van partijen getreden. Reeds op die grond faalt dat middel. Het oordeel van het Hof in de bestreden overweging is bovendien juist, zodat ook middel I faalt.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 15 september 1999 vastgesteld door de vice-president R.J.J. Jansen als voorzitter, en de raadsheren Van Brunschot, Van Vliet, Hammerstein en Lourens, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Van Hooff, en op die datum in het openbaar uitgesproken.