ECLI:NL:HR:1999:AE4713
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1983 wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1983 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting opgelegd met een verhoging, waarvan een deel werd kwijtgescholden. Het hof handhaafde de navorderingsaanslag zonder verhoging, maar behandelde niet het verweer dat de aanslag was opgelegd na de wettelijke termijn van vijf jaar zoals bepaald in artikel 16, lid 3, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het hofarrest. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het verweer niet werd behandeld en vernietigde het arrest, behoudens de beslissingen over griffierecht en proceskosten. De zaak werd verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat het hof onjuist had geoordeeld dat de zaak samenhangt met een andere zaak betreffende het jaar 1984, omdat de beroepen niet gelijktijdig of nagenoeg gelijktijdig waren ingesteld. Dit leidde echter niet tot cassatie omdat de proceskostenveroordeling juist was.
De Staatssecretaris van Financiën werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding en moest het griffierecht aan belanghebbende vergoeden. Het arrest werd op 10 november 1999 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het niet behandelen van het termijnverweer en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.