ECLI:NL:HR:2000:AA4944
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Roelvink
- raadsheer Neleman
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- raadsheer Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Afwijzing cassatieberoep inzake arbeidsongeschiktheidsuitkering verzekeringsovereenkomst
De verzekeringnemer vorderde bij de rechtbank Breda de herinstelling van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van een verzekeringsovereenkomst, met ingang van 3 december 1990. De rechtbank wees deze vordering toe na deskundigenonderzoek. Interpolis ging in hoger beroep bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, dat het vonnis vernietigde en een aanvullend deskundigenbericht beval. Uiteindelijk wees het hof de vorderingen van de verzekeringnemer af.
De verzekeringnemer stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen beide arresten van het hof. De Hoge Raad verklaarde het beroep tegen het tussenarrest van 22 april 1997 niet-ontvankelijk omdat de verzekeringnemer geen middelen tegen dat arrest had aangevoerd. Het beroep tegen het eindarrest van 14 april 1998 werd verworpen omdat de klachten niet tot cassatie konden leiden en geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen.
De Hoge Raad veroordeelde de verzekeringnemer in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee werd het oordeel van het hof bekrachtigd dat de verzekeringnemer geen recht had op de gevorderde herinstelling van de uitkering.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard tegen het tussenarrest en verworpen tegen het eindarrest, waarmee de vorderingen van de verzekeringnemer zijn afgewezen.