ECLI:NL:HR:2000:AA5117

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 maart 2000
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
42-99-V
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • vice-president Davids
  • Bleichrodt
  • Van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
  • Koster
  • Aaftink
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 25 RVV 1990
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt onrechtmatigheid parkeren zonder juiste parkeerschijf bij blauwe streep

De betrokkene werd administratief gesanctioneerd wegens het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen bij een blauwe streep zonder een correcte parkeerschijf waarop het aanvangstijdstip was aangegeven. De Kantonrechter te Helmond verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond. De betrokkene stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad beoordeelde de klacht dat de Kantonrechter ten onrechte had geoordeeld dat de gedraging was verricht. Het geschil draaide om de uitleg van artikel 25 van Pro het RVV 1990, dat voorschrijft dat op plaatsen met een blauwe streep parkeren slechts is toegestaan indien het voertuig is voorzien van een duidelijke parkeerschijf met het juiste tijdstip.

In het onderhavige geval waren er twee parkeerschijven in het voertuig aanwezig met verschillende aanvangstijden, wat volgens de Hoge Raad niet voldoet aan de wettelijke eisen. De Hoge Raad vond geen reden om de beslissing van de Kantonrechter te vernietigen en verwierp het cassatieberoep. Hiermee bleef de administratieve sanctie in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep werd verworpen en de administratieve sanctie wegens fout parkeren bij een blauwe streep zonder juiste parkeerschijf bleef gehandhaafd.

Uitspraak

14 maart 2000
Strafkamer
nr. 42-99-V
CJIB 20429366
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie
tegen de beslissing van de
Kantonrechter te Helmond
van 3 december 1998
betreffende:
[betrokkene], wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de Kantonrechter
De Kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene ongegrond verklaard.
De beslissing van de Kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Geding in cassatie
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de Kantonrechter beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Fokkens heeft geconcludeerd dat het beroep zal worden verworpen.
3. Beoordeling van de bestreden beslissing
3.1. Bij inleidende beschikking is aan de betrokkene een administratieve sanctie opgelegd ter zake van:
"motorvoertuig op meer dan twee wielen parkeren bij blauwe streep zonder parkeerschijf waarop aanvangstijd is aangegeven" feitcode R399, op 10 maart 1998 te 16.18 uur op het Koningsplein te Asten.
3.2. Het beroepschrift bevat de klacht dat de Kantonrechter ten onrechte heeft geoordeeld dat de gedraging is verricht.
3.3. Art. 25 RVV Pro 1990 luidt als volgt:
1. Het is verboden in een parkeerschijfzone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep.
2. Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep, is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan, indien het motorvoertuig overeenkomstig het door Onze Minister bepaalde is voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf, waarop het tijdstip staat aangegeven waarop met parkeren is begonnen en de toegestane parkeerduur niet is verstreken.
3.4. Doel en strekking van dit artikel brengen mee dat aan in het tweede lid gestelde voorwaarden niet is voldaan in het zich blijkens de vaststelling van de Kantonrechter hier voordoende geval dat zich in het voertuig twee parkeerschijven bevonden, met daarop aangegeven twee verschillende aanvangstijden. De klacht faalt daarom.
3.5. Hieruit volgt dat, nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden beschikking ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, het beroep dient te worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president Davids als voorzitter, en de raadsheren Bleichrodt, Van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp, Koster en Aaftink, in bijzijn van de waarnemend-griffier Verboon, en uitgesproken op 14 maart 2000.