ECLI:NL:HR:2000:AA5734
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- A.M.M. Orie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.P. Balkema
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in zaak zware diefstal met geweld en dood tot gevolg
In deze zaak heeft het Gerechtshof te 's-Gravenhage het hoger beroep van verdachte behandeld tegen een vonnis van de rechtbank Dordrecht. De verdachte werd veroordeeld voor diefstal met geweld, gepleegd door meerdere personen, waarbij de dood van een persoon het gevolg was. Het Hof veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van dertien jaar voor het primaire feit en tot één jaar voor de subsidiaire feiten, waarbij het hoger beroep ten aanzien van deze subsidiaire feiten was ingetrokken.
De verdachte stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad, waarbij meerdere middelen werden aangevoerd. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden, waarbij het vierde middel dat betrekking had op de motivering van de strafoplegging voor de subsidiaire feiten niet slaagde.
De Hoge Raad bevestigde dat het Hof terecht de straf voor de subsidiaire feiten heeft bepaald op grond van artikel 423, vierde lid, Wetboek van Strafvordering, zonder dat een nadere motivering op grond van artikel 359, lid 5 en 6, Wetboek van Strafvordering vereist was. Het cassatieberoep werd derhalve verworpen en het arrest van het Hof bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de gevangenisstraf van dertien jaar blijft in stand.