ECLI:NL:HR:2000:AA5773
Hoge Raad
- Cassatie
- H.L.J. Roelvink
- P. Neleman
- W.H. Heemskerk
- C.H.M. Jansen
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Overdracht bedrijf en referentiehoeveelheid meststoffen volgens Verplaatsingsbesluit Meststoffenwet
In deze zaak stond centraal of bij de overdracht van een deel van een landbouwonderneming ook de referentiehoeveelheid meststoffen overgaat. Verweerder had een bedrijf geregistreerd als één geheel volgens de Meststoffenwet. Op 31 maart 1992 droeg hij een deel van zijn bedrijf over aan eiser, waaronder bouwland, weilanden en een melkquotum, maar behield zelf stallen en andere gronden.
De discussie betrof de toekenning van de referentiehoeveelheid meststoffen, die door het Bureau Heffingen volledig op naam van eiser was gezet. Het Hof stelde vast dat de referentiehoeveelheid slechts overgaat bij overdracht van het gehele bedrijf, zoals gedefinieerd in het Verplaatsingsbesluit Meststoffenwet, en niet bij gedeeltelijke overdracht van productie-eenheden.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van eiser. Het arrest onderstreept dat de overdracht van een referentiehoeveelheid meststoffen gebonden is aan de overdracht van het gehele bedrijf, waarbij een objectieve maatstaf wordt gehanteerd, ongeacht de feitelijke bedrijfsvoering of intenties van partijen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de referentiehoeveelheid meststoffen niet overgaat bij gedeeltelijke overdracht van het bedrijf en wijst het cassatieberoep af.