ECLI:NL:HR:2000:AA7038
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- C.H.M. Jansen
- A. Hammerstein
- W.H. Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt alimentatieverplichting ondanks lagere inkomsten vrouw in Costa Rica
De man verzocht bij de Rechtbank Zwolle om echtscheiding van de vrouw en betwistte haar verzoek tot alimentatie. De Rechtbank sprak de echtscheiding uit en kende de vrouw een voorlopige levensonderhoudsuitkering toe van ƒ 1.000 per maand. Zowel de man als de vrouw gingen in hoger beroep tegen deze beschikking. Het Gerechtshof Arnhem vernietigde de beschikking en bepaalde dat de man vanaf 1 januari 1999 ƒ 2.500 per maand aan de vrouw moest betalen.
De man stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing. Tijdens de procedure kwam naar voren dat de vrouw sinds februari 1999 in Costa Rica werkte en daar lagere inkomsten had dan in Nederland, omdat zij ervoor had gekozen zich daar definitief te vestigen. De man voerde aan dat deze keuze geen invloed mocht hebben op zijn alimentatieverplichting.
De Hoge Raad oordeelde dat het beroep van de man ongegrond was. Het middel dat het Hof had nagelaten te beslissen op een na de mondelinge behandeling ingediend verweer faalde omdat de vrouw niet meer kon reageren. De overige middelen faalden eveneens zonder verdere motivering, waarmee de alimentatieverplichting van de man werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de alimentatieverplichting van ƒ 2.500 per maand aan de vrouw.