ECLI:NL:HR:2000:AA8606
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- G.J. Zuurmond
- A.E. de Moor
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vermindering naheffingsaanslag omzetbelasting bij gesplitste perceelslevering
Belanghebbende, actief in de bedrijfsmatige verhuur van woningen, kocht een perceel bouwgrond van 5.555 m2 bestemd voor de bouw van huur- en koopwoningen. Een deel van dit perceel (1.401 m2) werd doorverkocht aan een derde partij. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op, die na bezwaar werd verminderd.
Het Gerechtshof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en stelde de naheffingsaanslag vast op een aanzienlijk lager bedrag. De Staatssecretaris stelde hiertegen beroep in cassatie in. De Hoge Raad oordeelde dat het geschil niet primair beheerst wordt door artikel 15, lid 6, van de Wet op de omzetbelasting 1968, maar dat het Hof terecht heeft vastgesteld welk deel van de koopprijs aan het doorverkochte perceel toerekenbaar is.
De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel en bevestigde het oordeel van het Hof dat belanghebbende aannemelijk heeft gemaakt dat zij een bedrag van ƒ 299.000 exclusief omzetbelasting voor het doorverkochte deel heeft betaald. De Hoge Raad veroordeelde de Staatssecretaris in de kosten van het cassatiegeding en legde een recht van cassatie op.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag wordt verminderd conform het oordeel van het Hof.