ECLI:NL:HR:2001:AA9391
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- D.H. Beukenhorst
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring cassatie tegen bevestiging aanslag inkomstenbelasting 1989
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1989 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd die na bezwaar werd verminderd tot een belastbaar inkomen van f 3.753.743,--. Tegen de uitspraak van de inspecteur kwam belanghebbende in beroep bij het Hof, dat de uitspraak bevestigde. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
Het geschil betrof vooral de vraag of de verzending van het aanslagbiljet via een koeriersdienst in plaats van per post rechtsgeldig was. Het Hof had geoordeeld dat verzending via koeriersdienst A geoorloofd was, ondanks het bezwaar van belanghebbende dat dit niet conform de vereisten was.
De Hoge Raad overwoog dat uit de parlementaire geschiedenis en de tekst van de Invorderingswet 1990 niet volgt dat verzending per post verplicht is, mits voldoende waarborgen bestaan dat het aanslagbiljet de belastingschuldige bereikt. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en verklaarde het ongegrond. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting wordt bevestigd.