ECLI:NL:HR:2001:AB0496
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.M.M. Orie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor overtreding motorvaartuigverbod op strand Noordwijk
De verdachte werd door de Rechtbank in hoger beroep veroordeeld wegens overtreding van artikel 2.8.1 lid 1 sub f van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Noordwijk, dat het verboden maakt een motorvaartuig op het strand te hebben of te gebruiken. Het vonnis van de Kantonrechter werd vernietigd en de verdachte kreeg een geldboete van vijfhonderd gulden, subsidiair tien dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
De verdachte stelde in cassatie dat artikel 2.8.1 van de APV niet verbindend zou zijn, mede omdat onveilig varen ook afzonderlijk strafbaar is gesteld en er een regeling bestaat in de Scheepvaartverkeerswet. De Hoge Raad oordeelde dat de gemeentelijke bepaling wel verbindend is, mede gelet op de wetsgeschiedenis die aangeeft dat de gemeente bevoegd is aanvullende bepalingen te stellen ter bescherming van de verkeersveiligheid en recreatie aan zee.
De Hoge Raad concludeerde dat het middel faalt en dat er geen reden is de uitspraak ambtshalve te vernietigen. Het cassatieberoep werd daarom verworpen en de veroordeling van de verdachte bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte werd verworpen en de veroordeling wegens overtreding van het motorvaartuigverbod op het strand van Noordwijk bleef in stand.