ECLI:NL:HR:2001:AB1017
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens buitengewone lasten invaliditeit
Belanghebbende kreeg voor 1994 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van ƒ 33.740. Na bezwaar en beroep bij het hof werd de aanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde cassatie in tegen het arrest van het hof.
De zaak betreft de aftrek van autokosten als buitengewone last vanwege invaliditeit van de echtgenote van belanghebbende. Het hof oordeelde dat alleen autokosten die niet tot het normale bestedingspatroon van niet-invalide personen behoren, aftrekbaar zijn. Het hof sloot de kosten van de auto van belanghebbende uit de aftrek uit.
De Hoge Raad stelt dat het hof een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd bij de beoordeling van de aftrekbaarheid van de autokosten van de echtgenote. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor volledige herbehandeling. De Hoge Raad veroordeelt de Staatssecretaris van Financiën tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak verwezen voor herbeoordeling door het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.