ECLI:NL:HR:2001:AB1066
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- W.H. Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aansprakelijkheid advocaat voor niet tijdige kennisgeving zittingsdatum
Eiser heeft zijn voormalige raadsman, advocaat verweerder, aansprakelijk gesteld wegens toerekenbare tekortkoming in de informatieverstrekking over het doorgaan van een strafzitting op 23 december 1992. Eiser was in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf, waarbij hij niet aanwezig was tijdens de zitting. Hij stelde dat hij door een brief van zijn advocaat in de veronderstelling verkeerde dat de zitting zou worden uitgesteld.
De rechtbank heeft na bewijslevering geoordeeld dat eiser niet heeft bewezen dat de advocaat hem niet tijdig heeft geïnformeerd over het doorgaan van de zitting. Het hof heeft dit oordeel bekrachtigd en de Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen. De Hoge Raad bevestigde dat de bewijslast bij eiser lag en dat het hof de bewijslastverdeling en motivering correct heeft toegepast.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht heeft geoordeeld dat geen sprake was van een tekortkoming van de advocaat, aangezien eiser niet heeft bewezen dat hij niet tijdig is geïnformeerd. De kosten van het cassatiegeding zijn aan eiser opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en zijn vordering tot aansprakelijkheid van zijn advocaat afgewezen.