ECLI:NL:HR:2001:AB1428

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 mei 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
C99/206HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • C.H.M. Jansen
  • J.B. Fleers
  • A. Hammerstein
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1286 (oud) BWWetboek van Koophandel 251 (oud)
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid beroep tegen tussenarrest en verwerpt beroep in civiele verzekeringszaak

Bumblebee Limited vorderde van meerdere verzekeraars betaling van ƒ 680.000,-- met wettelijke rente, gebaseerd op hun deelname in een verzekeringscontract. De Rechtbank Rotterdam stelde een deskundigenbericht in, waarna Bumblebee hoger beroep instelde bij het Hof te 's-Gravenhage. Het hof liet bewijs toe, hoorde getuigen en vernietigde het vonnis van de rechtbank, waarna het de vordering afwees.

Bumblebee stelde beroep in cassatie in tegen het tussenarrest en het eindarrest van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat het beroep tegen het tussenarrest niet-ontvankelijk was omdat daartegen geen klachten waren aangevoerd. Het beroep tegen het eindarrest werd verworpen op de gronden van de conclusie van de Advocaat-Generaal.

De Hoge Raad veroordeelde Bumblebee in de kosten van het cassatiegeding. Dit arrest bevestigt de afwijzing van de vordering en benadrukt de noodzaak om klachten tegen tussenvonnissen in cassatie expliciet aan te voeren.

Uitkomst: Bumblebee wordt niet-ontvankelijk verklaard in het beroep tegen het tussenarrest en het beroep tegen het eindarrest wordt verworpen.

Uitspraak

4 mei 2001
Eerste Kamer
Nr. C99/206HR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
de vennootschap naar vreemd recht BUMBLEBEE LIMITED, gevestigd te St. Peter Port, Guernsey,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. R. Th. R. F. Carli,
t e g e n
1. NIEUW ROTTERDAM SCHADE N.V., gevestigd te Rotterdam,
2. [Verweerster 2], gevestigd te [vestigingsplaats],
3. [Verweerster 3], gevestigd te [vestigingsplaats],
4. INTERLLOYD SCHADEVERZEKERING-MAATSCHAPPIJ N.V. in de hoedanigheid van rechtsopvolgster van [..] C.V., gevestigd te Amsterdam,
5. [Verweerster 5], gevestigd te [vestigingsplaats],
6. [Verweerster 6], gevestigd te [vestigingsplaats],
7. [Verweerster 7], gevestigd te [vestigingsplaats],
8. AEGON SCHADEVERZEKERING N.V., gevestigd te 's-Gravenhage,
9. de rechtspersoon naar Duits recht COLONIA VERSICHERUNG A.G., gevestigd te Keulen, Bondsrepubliek Duitsland,
10. ROYAL NEDERLAND VERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V., gevestigd te Rotterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: mr. J.B.M.M. Wuisman.
1. Het geding in feitelijke instanties
Eiseres tot cassatie - verder te noemen: Bumblebee - heeft bij exploit van 8 mei 1989 verweersters in cassatie - verder te noemen: Nieuw Rotterdam c.s.- gedagvaard voor de Rechtbank te Rotterdam en veroordeling van Rotterdam c.s., ieder naar rato van het percentage waarvoor zij in de overeenkomst van verzekering hebben deelgenomen, gevorderd, tot betaling aan Bumblebee van de somma van ƒ 680.000,--, elk per gedaagde te betalen bedrag steeds te vermeerderen met de wettelijke rente, als bedoeld in art. 1286 (oud) BW over deze bedragen, vanaf 21 juni 1988 althans vanaf 25 juli 1988, doch in ieder geval vanaf de dag der dagvaarding.
Nieuw Rotterdam c.s. hebben de vordering bestreden.
De Rechtbank heeft bij tussenvonnis van 12 februari 1993 een deskundigenbericht gelast.
Tegen dit tussenvonnis heeft Bumblebee hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.
Nadat het Hof bij tussenarrest van 28 maart 1995 Nieuw Rotterdam c.s. toegelaten had tot het leveren van bewijs alsmede een getuigenverhoor had gelast, heeft het Hof na getuigen te hebben gehoord, bij eindarrest van 22 december 1998 het bestreden vonnis vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering met nevenvorderingen afgewezen.
De arresten van het Hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het Hof heeft Bumblebee beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Nieuw Rotterdam c.s. heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring voorzover het beroep is gericht tegen 's Hofs tussenarrest en voor het overige tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van Bumblebee in haar beroep voorzover dat is gericht tegen 's Hofs tussenarrest en tot verwerping van het beroep voorzover dat is gericht tegen 's Hofs eindarrest.
3. Beoordeling van het middel
Nu tegen het tussenarrest van 28 maart 1995 in cassatie geen klachten zijn aangevoerd, behoort Bumblebee in zoverre in haar beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard. Wat het eindarrest van 22 december 1998 betreft, faalt het middel op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart Bumblebee niet-ontvankelijk in haar beroep, voorzover gericht tegen het tussenarrest van 28 maart 1995;
verwerpt het beroep voor het overige;
veroordeelt Bumblebee in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Nieuw Rotterdam c.s. begroot op ƒ 9.507,20 aan verschotten en ƒ 3.000,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.H.M. Jansen, als voorzitter, J.B. Fleers en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 4 mei 2001.