ECLI:NL:HR:2001:AB1818
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- A.M.M. Orie
- J.P. Balkema
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Veroordeling opruiing en aanzetten tot haat en discriminatie wegens ras en godsdienst
De zaak betreft een verdachte die in hoger beroep is veroordeeld voor het in het openbaar mondeling opruien tot een strafbaar feit en gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag, alsmede voor het aanzetten tot haat, discriminatie en gewelddadig optreden tegen personen vanwege hun ras en godsdienst. Deze uitlatingen werden gedaan tijdens een vergadering van de politieke partij CP’86 in een partycentrum, waarbij journalisten aanwezig waren op uitnodiging.
De verdachte voerde in cassatie aan dat een bepaalde verklaring die het hof als bewijs gebruikte niet redengevend was voor de bewezenverklaring. De Hoge Raad oordeelde echter dat deze verklaring juist mede het bewijs ondersteunt dat de verdachte zich bewust was van de aanwezigheid van journalisten en daarmee het voorwaardelijk opzet had dat zijn uitlatingen openbaar zouden worden en het publiek zouden bereiken.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee het oordeel van het hof dat de verdachte schuldig is aan opruiing en aanzetten tot haat en discriminatie. Er was geen reden om het vonnis ambtshalve te vernietigen. De straf opgelegd door het hof bedroeg zes weken gevangenisstraf.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte tot zes weken gevangenisstraf wegens opruiing en aanzetten tot haat en discriminatie.