ECLI:NL:HR:2001:ZC3676
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- R. Herrmann
- A. Hammerstein
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen auteursrecht KTI op Spyro-programma en wijst vorderingen af
In deze zaak stond de vraag centraal of Kinetics Technology International B.V. (KTI) auteursrechten heeft op het computerprogramma Spyro en of eiser onrechtmatig gebruik heeft gemaakt van bedrijfsgeheimen van KTI bij de ontwikkeling van een concurrerend programma. Eiser stelde dat KTI geen rechten had op Spyro en dat hij ten onrechte beschuldigd werd van het misbruiken van geheime bedrijfsinformatie. KTI stelde daartegenover dat zij wel auteursrechthebbende was en vorderde diverse verboden en schadevergoedingen.
De Rechtbank te 's-Gravenhage wees de vorderingen van eiser af en gaf KTI grotendeels gelijk in haar vorderingen tegen eiser, waaronder verboden tot openbaarmaking en gebruik van het programma buiten de Verenigde Staten, en het opleggen van dwangsommen. Beide zaken werden door eiser en KTI in hoger beroep genomen. Het Hof stelde eiser in de gelegenheid tegenbewijs te leveren dat hij zelf de maker was van het programma PHENICS, afgeleid van Spyro.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht de bewijslevering had opengesteld en dat de klachten van eiser tegen het arrest van het Hof niet tot cassatie konden leiden. De Hoge Raad verwierp het beroep van eiser en veroordeelde hem in de proceskosten. Hiermee werd bevestigd dat KTI geen auteursrecht op Spyro heeft en dat de vorderingen van eiser ongegrond zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat KTI geen auteursrechten heeft op het Spyro-programma.