ECLI:NL:HR:2001:ZD1852
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- A.M.M. Orie
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldboetes voor overtreding Gezondheids- en welzijnswet voor dieren ondanks beroep op EU-richtlijnen
In deze zaak stond de vraag centraal of de Regeling compartimentering varkens en vervoermiddelen voor varkens, waarop de veroordeling van de verdachte was gebaseerd, onverbindend was wegens strijdigheid met Europese richtlijnen. De verdachte was in hoger beroep veroordeeld tot geldboetes voor overtreding van voorschriften uit de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
De verdediging voerde aan dat de relevante EU-richtlijnen, met name Richtlijn 80/217/EEG en Richtlijn 92/119/EEG, uitputtend waren en dat de nationale regeling daarmee in strijd was. Het hof verwierp dit verweer, stellende dat de richtlijnen niet uitputtend zijn en dat de nationale regeling gebaseerd is op Richtlijn 90/425/EEG, die ruimte laat voor aanvullende maatregelen.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en wees het cassatieberoep af. Daarbij benadrukte de Hoge Raad dat de richtlijnen niet uitsluiten dat lidstaten aanvullende maatregelen treffen en dat het beroep op strijdigheid met het rampenplan niet leidt tot onverbindendheid van de regeling. De veroordeling blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling tot twee geldboetes wegens overtreding van voorschriften uit de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.