ECLI:NL:HR:2002:AA8405
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak en verwijst zaak over grootschalige sigarettensmokkel en douaneontduiking
De verdachte maakte deel uit van een organisatie die tussen september 1993 en januari 1994 grootschalig sigaretten smokkelde van Rotterdam naar Italië, waarbij valse T1-documenten werden gebruikt en de goederen onttrokken werden aan het douanetoezicht. De sigaretten waren afkomstig uit Zwitserland en werden in Rotterdam opgeslagen onder douane-entrepot, waarna zij in verzegelde vrachtwagens werden vervoerd met valse documenten die onjuiste bestemmingen vermeldden.
Het Gerechtshof veroordeelde de verdachte voor medeplegen van het doen van onjuiste goederenaangiften met het oogmerk belastingontduiking, medeplegen van het opzettelijk voorhanden hebben van accijnsgoederen zonder juiste heffing, medeplegen van valsheid in geschrift en deelneming aan een criminele organisatie, en legde zes jaar gevangenisstraf op.
De Hoge Raad stelde prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen over de uitleg van het begrip 'onttrekking aan douanetoezicht' en de plaats en het tijdstip van invoerrechtenheffing. Op basis van het arrest van het Hof van Justitie oordeelde de Hoge Raad dat de onttrekking aan het douanetoezicht pas plaatsvond in België of Luxemburg, waardoor in Nederland geen invoerrechten verschuldigd waren. Hierdoor kon niet bewezen worden dat de verdachte in Nederland onjuiste aangiften deed met het oogmerk invoerrechten te ontduiken.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest voor zover het betrekking had op de onjuiste aangifte en het voorhanden hebben van accijnsgoederen, sprak de verdachte vrij van deze tenlasteleggingen en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor hernieuwde beoordeling van deze punten en de strafoplegging. De overige onderdelen van het arrest werden bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad sprak verdachte vrij van onjuiste aangifte en het voorhanden hebben van accijnsgoederen en verwees de zaak terug voor hernieuwde beoordeling.