ECLI:NL:HR:2002:AD5321
Hoge Raad
- Cassatie
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake verdeling nalatenschap en vaststelling erfdeel
Eiser, de gezamenlijke erfgenamen van wijlen erflater, vorderde bij de rechtbank de verdeling van de nalatenschap van betrokkene D na vaststelling van de waarde daarvan. De rechtbank stelde het erfdeel van eiser vast op drie/zestiende van de nalatenschap en bepaalde de omvang en verdeling conform eerdere tussenvonnissen. Daarnaast werd bepaald welke inbreng er van de andere erfgenamen moest plaatsvinden. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Eiser stelde hoger beroep in tegen zowel de tussenvonnissen als het eindvonnis, maar het hof verklaarde het hoger beroep tegen de tussenvonnissen niet-ontvankelijk en bekrachtigde het eindvonnis. Tegen dit arrest stelde eiser beroep in cassatie in.
De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen nadere motivering nodig is omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling nopen. Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt in de kosten van het geding veroordeeld, die aan de zijde van de andere partijen op nihil worden begroot.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.