ECLI:NL:HR:2002:AD7799
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor smaadschrift bevestigd door Hoge Raad
De verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem in hoger beroep veroordeeld voor het plegen van smaadschrift. Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de Politierechter en legde een geldboete van duizend gulden op, subsidiair twintig dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd een schadevergoedingsmaatregel aan de benadeelde partij toegewezen.
De verdachte stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad, maar zijn ingediende geschriften konden niet als middelen van cassatie worden aangemerkt. Ook de schriftuur van de gemachtigde van de benadeelde partij bevatte geen middelen van cassatie. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.
De Hoge Raad nam kennis van het commentaar van de benadeelde partij en oordeelde dat er geen ambtshalve vernietigingsgronden waren voor het bestreden arrest. Daarom werd het cassatieberoep verworpen en bleef de veroordeling van de verdachte ongewijzigd.
De uitspraak werd gedaan door de vice-president Davids als voorzitter, met de raadsheren Corstens en Numann, en uitgesproken op 12 februari 2002.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en de veroordeling voor smaadschrift bevestigd.