ECLI:NL:HR:2002:AD9282
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid voor schulden failliete besloten vennootschap
De curator van het faillissement van B.E.B. Trading B.V. vorderde dat eiser en betrokkene A hoofdelijk werden veroordeeld tot betaling van de schulden van de failliete vennootschap, voor zover deze niet door vereffening konden worden voldaan. De rechtbank wees de vordering tegen betrokkene A af, maar veroordeelde eiser tot betaling van de resterende schulden. Eiser stelde hoger beroep in tegen deze uitspraken, maar het gerechtshof bekrachtigde de vonnissen.
Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De curator werd verstek verleend. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van eiser niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het beroep en veroordeelde eiser in de kosten van het geding in cassatie, die aan de zijde van de curator op nihil werden begroot. Hiermee bleef de aansprakelijkheid van eiser voor de schulden van de failliete besloten vennootschap onverminderd van kracht.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en zijn aansprakelijkheid voor de schulden van de failliete vennootschap blijft gehandhaafd.