ECLI:NL:HR:2002:AE1970
Hoge Raad
- Cassatie
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep tegen aanslag vennootschapsbelasting 1997
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1997 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd van f 17.417.618. Na bezwaar werd deze aanslag gehandhaafd door de Inspecteur. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde belanghebbende cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad beoordeelde de klachten van belanghebbende, maar oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verklaarde het beroep ongegrond. Het arrest werd uitgesproken door raadsheren Van Brunschot, Lourens en Bavinck op 26 april 2002.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.