ECLI:NL:HR:2002:AE3371
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- H.A.M. Aaftink
- A.G. Pos
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Reikwijdte exoneratiebeding bij schade aan deklading tijdens laden en lossen
In deze zaak stond de vraag centraal of een exoneratiebeding in een cognossement aansprakelijkheid voor schade aan deklading tijdens het laden en lossen uitsluit. Verweerders hadden eiseres gedagvaard voor betaling van een bedrag wegens schade, waarbij eiseres betwistte dat de exoneratie aansprakelijkheid voor schade tijdens laden en lossen uitsloot.
Het Hof had geoordeeld dat het exoneratiebeding alleen aansprakelijkheid uitsloot voor schade tijdens het vervoer aan dek, maar niet voor schade die tijdens het laden en lossen ontstond. Dit oordeel werd aangevochten in cassatie.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onjuist was indien het aannam dat exoneratie niet geldig kan worden overeengekomen voor schade tijdens laden en lossen. De vrijheid van contractspartijen om aansprakelijkheid uit te sluiten strekt zich ook uit tot deze periode, mede gelet op art. 8:382 lid 2 onder Pro c BW en de Hague-Visby Rules. Het arrest van het Hof werd vernietigd en de zaak verwezen naar een ander Hof voor verdere behandeling.
Daarnaast veroordeelde de Hoge Raad verweerders in de kosten van het cassatiegeding. De uitspraak benadrukt de contractsvrijheid bij het uitsluiten van aansprakelijkheid voor schade aan deklading, ook tijdens laden en lossen.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar een ander Hof voor verdere behandeling en beslissing.