ECLI:NL:HR:2002:AE5651
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens onvoldoende bewijs valselijke administratie en gebruik vals geschrift
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie gericht op gewoonteheling en het valselijk opmaken en gebruiken van een administratie als bewijsstuk. De Hoge Raad oordeelt dat het bewijs onvoldoende is voor het onderdeel valselijke administratie en gebruik van vals geschrift, waardoor dit onderdeel van het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling.
De Hoge Raad bevestigt dat voor deelneming aan een organisatie het voldoende is dat de verdachte onvoorwaardelijk opzet heeft op het oogmerk van de organisatie om misdrijven te plegen, zonder dat opzet op concrete misdrijven vereist is. Ook wordt verduidelijkt dat het niet nodig is om te bewijzen dat uitzonderingen op het verbod van het werkzaam zijn als wisselkantoor niet van toepassing waren.
De overige klachten worden verworpen en de strafoplegging blijft ongewijzigd voor de bewezen verklaarde feiten. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 8 oktober 2002.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor het onderdeel valselijke administratie en gebruik vals geschrift en verwezen voor hernieuwde berechting; het overige beroep wordt verworpen.