ECLI:NL:HR:2002:AE8147
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep tegen naheffingsaanslag overdrachtsbelasting
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd van ƒ 36.600 en een boete van ƒ 3.660. Na bezwaar en beroep bij het hof werd het beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad onderzocht onder meer het beroep op het vertrouwen dat de belastingplichtige mocht ontlenen aan een aangekondigde wetswijziging die pas later in werking trad. De Hoge Raad oordeelde dat een aankondiging van een toekomstige algemene maatregel van bestuur geen rechtens te beschermen vertrouwen schept dat de belastingdienst al een nieuw beleid voert.
De overige middelen faalden eveneens, en de Hoge Raad zag geen aanleiding tot nadere motivering. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag en boete blijven gehandhaafd.