ECLI:NL:HR:2002:ZD2844
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- E.J. Numann
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens afstand aanwezigheidsrecht verdachte in hoger beroep
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld wegens overtreding van de Wegenverkeerswet 1994. Tijdens de behandeling van het wrakingsverzoek in hoger beroep verliet de verdachte de zittingszaal en verscheen niet meer bij de hervatting van de zitting. Het hof oordeelde dat de verdachte daarmee afstand had gedaan van zijn recht om aanwezig te zijn bij de verdere behandeling van de zaak en vervolgde de procedure buiten zijn aanwezigheid.
De verdachte stelde in cassatie dat het hof ten onrechte buiten zijn aanwezigheid had doorgeprocedeerd. De Hoge Raad overwoog dat de verdachte niet had aangegeven wanneer hij wel aanwezig zou kunnen zijn en dat hij de zittingszaal verliet zonder verzoek tot aanhouding van de zaak. Ook was niet gebleken dat het hof de verdachte vooraf had geïnformeerd over de verdere behandeling na het wrakingsverzoek.
Gelet op deze omstandigheden was het oordeel van het hof dat de verdachte afstand had gedaan van zijn aanwezigheidsrecht niet onbegrijpelijk. Het cassatieberoep werd daarom verworpen. Tevens werd geoordeeld dat het beroep tijdig was ingesteld en dat andere middelen niet tot cassatie konden leiden.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen omdat het hof terecht buiten zijn aanwezigheid heeft doorgeprocedeerd.