ECLI:NL:HR:2003:AF8776
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring klager in beklag wegens afstand van inbeslaggenomen camera
Klager diende een beklag in tegen een beschikking van de rechtbank Middelburg waarin zijn verzoek tot teruggave van een inbeslaggenomen camera werd afgewezen. Klager stelde onder meer dat hij de Nederlandse taal niet machtig was en de afstandsverklaring niet begreep, en dat onduidelijk was waarvoor hij precies was aangehouden.
De rechtbank oordeelde dat klager wel eigenaar was van de camera en dat hij de strekking van de mededelingen van de verbalisanten inzake de inbeslagname had begrepen. Tevens was klager akkoord gegaan met de wijze van horen. De rechtbank verklaarde het beklag ongegrond.
De Hoge Raad stelde vast dat klager op 19 augustus 2002 akkoord was gegaan met een transactievoorstel waarbij hij afstand deed van de camera en een geldsom betaalde. Hierdoor kon klager niet als belanghebbende worden beschouwd in de zin van artikel 552a Sv. De rechtbank had hem daarom niet-ontvankelijk moeten verklaren in zijn beklag.
De Hoge Raad vernietigde de bestreden beschikking en verklaarde klager niet-ontvankelijk in zijn beklag. De overige middelen behoefden geen bespreking.
Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn beklag wegens afstand van de inbeslaggenomen camera en betaling van de transactie.