ECLI:NL:HR:2003:AF9706
Hoge Raad
- Cassatie
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over tijdige indiening beroepschrift bij Tariefcommissie
Belanghebbende werd uitgenodigd tot betaling van douanerechten en maakte bezwaar tegen de handhaving van deze uitnodiging door de Inspecteur. Het Gerechtshof Amsterdam verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift niet bij de juiste instantie, de Tariefcommissie, zou zijn ingediend. Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht had vastgesteld dat het beroepschrift bij het Gerechtshof was ingediend, ondanks dat het postadres overeenkwam met dat van de Tariefcommissie. Ook de klacht over de doorzendplicht volgens artikel 6:15 Awb Pro faalde, omdat de doorzending binnen de redelijke termijn had plaatsgevonden.
Desondanks vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Hof omdat niet was vastgesteld of het beroepschrift tijdig per post was verzonden, een essentiële omstandigheid voor de ontvankelijkheid. De zaak werd terugverwezen voor nader onderzoek naar de wijze en het tijdstip van indiening. De kostenverdeling wordt bepaald bij de einduitspraak.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor nader onderzoek naar de tijdige indiening van het beroepschrift.