ECLI:NL:HR:2003:AK3485
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over vaste inrichting en naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende kreeg voor het tijdvak 1992-1996 een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd, inclusief een verhoging, welke door de Inspecteur deels werd kwijtgescholden. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Hof te 's-Hertogenbosch. Dit Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de aanslag en stelde deze aanzienlijk lager vast zonder verhoging.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatie in bij de Hoge Raad. De kern van het geschil betrof de vraag of belanghebbende beschikte over een vaste inrichting in Nederland, wat bepalend is voor de heffing van omzetbelasting bij niet-ingezetenen. Het Hof had geoordeeld dat sprake was van een vaste inrichting, mede op basis van het niet volledig verstrekken van informatie door belanghebbende en toepassing van de processuele sanctie uit de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte de processuele sanctie toepaste omdat de gevraagde informatie niet direct betrekking had op het bestaan van een vaste inrichting. Zonder deze sanctie was onvoldoende bewijs voor het bestaan van een vaste inrichting. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Hof en verwees de zaak terug naar het Hof Arnhem voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werden proceskosten toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug naar het Hof Arnhem voor verdere behandeling.