ECLI:NL:HR:2004:AN7262
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing 22-gram norm bij schatting wederrechtelijk verkregen voordeel hennepteelt
In deze zaak stond de vraag centraal welke norm moet worden gehanteerd bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel uit de oogst van hennepplanten. De betrokkene stelde dat een gemiddelde opbrengst van 5-10 gram per plant moet worden aangehouden, terwijl het hof uitging van een gemiddelde van 22 gram per plant, gebaseerd op een rapport van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI).
De verdediging baseerde haar stelling op een rapport uit een andere zaak, maar maakte niet aannemelijk dat de omstandigheden vergelijkbaar waren. Het hof verwierp daarom het verweer en handhaafde de 22-gram norm als uitgangspunt voor de berekening van het voordeel.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof dit standpunt voldoende had gemotiveerd en dat de 22-gram norm als gemiddelde opbrengst na oogsten passend is. Wel vernietigde de Hoge Raad het deel van het arrest waarin vervangende hechtenis was opgelegd, vanwege een wetswijziging die op de zaak van toepassing is.
De zaak werd terugverwezen naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling van het hoger beroep, waarbij het oordeel over de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel onverkort blijft staan.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de toepassing van de 22-gram norm en vernietigt het deel van het arrest met vervangende hechtenis.