ECLI:NL:HR:2004:AO3456
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Verklaring en beoordeling bewijs snelheidsmeting met boordsnelheidsmeter politievoertuig
De zaak betreft een snelheidsovertreding op de Rijksweg A16 te Dordrecht op 23 oktober 2001, waarbij de verdachte werd betrapt op een snelheid van circa 171 km/u waar 100 km/u was toegestaan. De snelheid werd vastgesteld met een boordsnelheidsmeter van een politievoertuig en gecorrigeerd met een testrapport.
Het hof heeft de bewezenverklaring gebaseerd op het proces-verbaal van de politie, het testrapport van de snelheidsmeter en de verklaring van de verdachte zelf die de snelheidsovertreding erkende. De verdediging voerde aan dat het testrapport onbetrouwbaar was, onder meer vanwege het ontbreken van een verklaring van onderzoek door het Nederlands Meetinstituut en het feit dat het testrapport ruim 21 maanden oud was.
Het hof verwierp deze verweren, stellende dat de correctie op basis van het testrapport voldoet aan de door de Hoge Raad gestelde eisen en dat de uitzondering voor standaardsnelheidsmeters in politievoertuigen geldt. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en oordeelde dat het beroep in cassatie niet slaagt, waarna het beroep werd verworpen.
De uitspraak bevestigt de geldigheid van het gebruik van gecorrigeerde boordsnelheidsmetermetingen als bewijs voor snelheidsovertredingen, ook bij een ouder testrapport, mits dit rapport voldoet aan de gestelde kwaliteitscriteria.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor snelheidsovertreding blijft in stand.