ECLI:NL:HR:2004:AO4223
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing cassatie tegen vernietiging verstekvonnis wegens kennelijk onredelijk ontslag
Eiseres heeft verweerster gedagvaard wegens kennelijk onredelijk ontslag en vorderde schadevergoeding en betaling van achterstallig salaris. Tegen verweerster werd verstek verleend en de vorderingen toegewezen. Verweerster kwam in verzet, waarna de kantonrechter het verstekvonnis vernietigde en eiseres niet-ontvankelijk verklaarde.
Eiseres stelde hoger beroep in, maar de rechtbank bekrachtigde het vonnis van niet-ontvankelijkheid. Hiertegen stelde eiseres cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat geen nadere motivering nodig is omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.
Het cassatieberoep wordt verworpen en eiseres wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft de niet-ontvankelijkheid van eiseres in haar vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en zij wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag.