ECLI:NL:HR:2004:AO6338
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- J.C. van Oven
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof inzake aftrek beroepskosten bij buitenlandse woonplaats
Belanghebbende kreeg voor de jaren 1997 en 1998 aanslagen inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Hof. Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de aanslagen en stelde het belastbaar inkomen lager vast. Belanghebbende stelde vervolgens cassatie in tegen het arrest van het Hof.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte had geoordeeld dat belanghebbende de aftrek van beroepskosten had prijsgegeven doordat hij geen grieven had gericht tegen de beslissing van de Inspecteur dat deze kosten niet aftrekbaar waren. Het Hof had, gelet op de stelling van belanghebbende dat hij in België woonde en dus buitenlands belastingplichtige was, ook een oordeel moeten geven over de aftrek van beroepskosten volgens artikel 8:72 lid 4 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Hoge Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het arrest van het Hof behoudens de beslissingen over griffierecht en proceskosten, en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor herbeoordeling met betrekking tot de aftrek van beroepskosten.