ECLI:NL:HR:2004:AO8556
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vernietiging en herziening betalingsverplichting in faillissementszaak
In deze zaak stond een betalingsvordering centraal die eiser moest voldoen aan de curator van de failliete partij. Na eerdere procedures werd eiser door de rechtbank veroordeeld tot betaling van ƒ 190.227,98 met rente. Het gerechtshof vernietigde dit vonnis gedeeltelijk en stelde de betalingsverplichting vast op € 69.840,40 met rente, waarbij het arrest uitvoerbaar bij voorraad werd verklaard.
Eiser stelde hiertegen cassatieberoep in, maar de Hoge Raad verwierp dit beroep zonder nadere motivering, omdat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen.
De Hoge Raad bevestigde daarmee het arrest van het hof en veroordeelde eiser in de kosten van het cassatiegeding, die aan de zijde van de curator nihil werden begroot. De curator was niet verschenen en verstek was verleend.
Deze uitspraak bevestigt de herziening van de oorspronkelijke betalingsverplichting in het faillissement en onderstreept het belang van de cassatieprocedure als toetsingsmiddel voor rechtsontwikkeling en rechtseenheid.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en het arrest van het hof blijft ongewijzigd.