ECLI:NL:HR:2004:AP1887
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Voldoet bekostigingsbesluit aanleg riolering buitengebied aan vereisten artikel 222 Gemeentewet
Belanghebbende kreeg een aanslag baatbelasting riolering buitengebied opgelegd door de gemeente Didam, welke na bezwaar werd gehandhaafd door de heffingsambtenaar. Het hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de aanslag en uitspraak van de heffingsambtenaar. De Hoge Raad stelt vast dat het bekostigingsbesluit van 29 juni 1995 duidelijk vermeldt dat 85% van de lasten, tot een maximum van ƒ 5.000 per gebate onroerende zaak, worden omgeslagen via de baatbelasting. Dit voldoet aan de eisen van artikel 222, lid 2, van de Gemeentewet.
Het hof had onterecht geoordeeld dat het bekostigingsbesluit niet voldeed omdat niet uit het besluit bleek welke lasten werden geraamd. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing, met inachtneming van dit arrest.
De Hoge Raad wijst erop dat het hof niet aan de overige grieven van belanghebbende is toegekomen, zodat deze bij de verdere behandeling kunnen worden betrokken. Over de proceskosten wordt geen beslissing genomen; het verwijzingshof zal beoordelen of belanghebbende een vergoeding toekomt.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.