ECLI:NL:HR:2004:AQ1084
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Nietigheid raadkameronderzoek wegens ontbreken oproeping en proces-verbaal
In deze zaak heeft de Hoge Raad een beschikking van de rechtbank te Haarlem vernietigd. De rechtbank had een beklag van klager niet-ontvankelijk verklaard dat strekte tot teruggave van een geldbedrag. Klager stelde in cassatie dat hij en zijn raadsman ten onrechte niet waren opgeroepen voor de behandeling van het klaagschrift in de raadkamer en dat er geen proces-verbaal was opgemaakt van het raadkameronderzoek.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de aan hem toegezonden stukken niet bleek dat de raadkamer het onderzoek had gehouden met inachtneming van de vereisten van artikel 23, tweede en vijfde lid, en artikel 25 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Deze artikelen schrijven voor dat het openbaar ministerie, de verdachte en andere procesdeelnemers moeten worden gehoord of opgeroepen, tenzij het onderzoek daardoor ernstig wordt geschaad, en dat van het onderzoek een proces-verbaal moet worden opgemaakt.
Het ontbreken van deze procedurele waarborgen leidt tot nietigheid van het raadkameronderzoek, ook al is die nietigheid niet expliciet in de wet genoemd. De Hoge Raad vernietigde daarom de bestreden beschikking en verwees de zaak naar het Gerechtshof te Amsterdam voor hernieuwde behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens niet-naleving van procedurele voorschriften en verwijst de zaak voor hernieuwde behandeling.