ECLI:NL:HR:2004:AQ7358
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt tijdigheid dagvaarding aansprakelijkstelling Invorderingswet 1990
In deze zaak stond centraal of de ontvanger van de Belastingdienst tijdig heeft gedagvaard tegen Kemira Pigments B.V. voor aansprakelijkstelling op grond van de Invorderingswet 1990. Kemira was aansprakelijk gesteld voor loonheffing en omzetbelasting die onbetaald waren gebleven door haar onderaannemer [A] B.V., die failliet was verklaard.
De rechtbank Rotterdam had de vorderingen van de ontvanger toegewezen en het gerechtshof 's-Gravenhage had dit vonnis bekrachtigd. Kemira stelde in cassatie dat de dagvaarding niet tijdig was uitgebracht binnen de in de Leidraad Invordering 1990 gestelde termijn van twee maanden na betwisting van de aansprakelijkstelling.
De Hoge Raad overwoog dat de Leidraad uitzonderingen kent op de termijn en dat deze uitzonderingen na 1990 zijn uitgebreid zonder afbreuk te doen aan rechtszekerheid. De discussie tussen Kemira en de ontvanger over de aansprakelijkstelling bracht mee dat de dagvaarding binnen de toegestane termijn was uitgebracht. Het beroep werd verworpen en Kemira werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de dagvaarding tijdig was uitgebracht.