ECLI:NL:HR:2005:AR6188
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring in cassatie wegens ontbreken eindarrest bij tussenvonnis
In deze zaak vorderde verweerster betaling van een geldbedrag van eiser en diens toenmalige echtgenote. De rechtbank wees de procedure deels af en verwees de hoofdzaak naar de rol. Het hof bekrachtigde dit vonnis en verwees de zaak terug voor verdere behandeling. Tegen dit arrest stelde eiser cassatieberoep in.
De Hoge Raad oordeelde dat het arrest van het hof een tussenarrest betreft, omdat het geen eindbeslissing inhoudt die het geding over een deel van de vordering beëindigt. Volgens art. 401a lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan cassatie tegen een tussenarrest alleen samen met het eindarrest worden ingesteld.
Omdat het hof niet anders had bepaald en art. 75 lid 1 Rv Pro. niet van toepassing was, verklaarde de Hoge Raad het cassatieberoep van eiser niet-ontvankelijk. Tevens werd eiser veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, die aan de zijde van verweerster op nihil werden begroot.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart eiser niet-ontvankelijk in cassatieberoep wegens ontbreken eindarrest bij tussenvonnis.