ECLI:NL:HR:2005:AT2828
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering en bekrachtigt hofuitspraak in civiele geldvordering
Eiser heeft verweerster gedagvaard voor betaling van een geldbedrag vermeerderd met wettelijke rente. Verweerster heeft de vordering bestreden en een tegenvordering ingesteld. De rechtbank wees de vordering van eiser af en veroordeelde eiser tot betaling van een bedrag aan verweerster. Eiser stelde hoger beroep in, waarbij het hof het vonnis van de rechtbank zowel in conventie als in reconventie bekrachtigde.
Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat nadere motivering niet nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opleveren.
Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft het arrest van het hof ongewijzigd van kracht, waarmee de vorderingen van eiser zijn afgewezen en de reconventionele veroordeling gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.