ECLI:NL:HR:2005:AT4065
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest over tijdstip tenuitvoerlegging verstekvonnis bij derdenbeslag
Modus Financieringen B.V. vorderde betaling van een geldsom van [verweerder], die in verbruikleen een bedrag had ontvangen en in gebreke was gebleven met de terugbetaling. De rechtbank wees de vordering toe bij verstek, waarna [verweerder] verzet deed. Dit verzet werd door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard, maar het hof vernietigde dit vonnis en oordeelde dat het verzet ontvankelijk was en veroordeelde [verweerder] tot gedeeltelijke betaling.
De kern van het geschil betrof de vraag wanneer het verstekvonnis geacht moet worden ten uitvoer gelegd te zijn in het kader van derdenbeslag, en of het verzet tijdig was ingesteld. Het hof liet in het midden of de eerste uitbetaling onder het derdenbeslag in juli 2001 of november 2001 had plaatsgevonden, en oordeelde dat het verstekvonnis pas na volledige betaling of uitbetaling ten uitvoer was gelegd.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd en dat het verstekvonnis geacht moet worden ten uitvoer gelegd na de eerste uitbetaling onder het derdenbeslag. Het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling. Tevens werd [verweerder] veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.