ECLI:NL:HR:2005:AU2027
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- W.M.E. Thomassen
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring bedreiging en feitelijke aanranding ondanks afstandsverweer verdachte
In deze jeugdzaak werd de verdachte veroordeeld voor feitelijke aanranding van de eerbaarheid en bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. De verdachte voerde in hoger beroep aan dat hij het feit niet kon hebben gepleegd vanwege de afstand van ruim 12 kilometer tussen zijn school en de plaats delict en zijn beperkte fietssnelheid.
Het hof oordeelde dat de bewijsmiddelen, waaronder het tijdstip van vertrek van de verdachte van school en het tijdstip waarop het slachtoffer werd lastiggevallen in het bos, ruimte lieten voor de verdachte om de afstand per fiets te overbruggen. De enkele niet-onderbouwde bewering van de verdachte dat hij niet hard kan fietsen werd door het hof niet aannemelijk geacht.
De Hoge Raad bevestigt deze bewezenverklaring en oordeelt dat het hof geen nadere motivering hoefde te geven over de afstand en tijd. Wel vernietigt de Hoge Raad het deel van de strafoplegging dat betrekking heeft op de duur van de taakstraf en vervangende jeugddetentie vanwege overschrijding van de redelijke termijn, en vermindert deze straffen.
Het beroep van de verdachte wordt voor het overige verworpen, waarmee de veroordeling in stand blijft. De zaak wordt verwezen naar een ander hof voor hernieuwde berechting van de strafoplegging in zoverre.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de bewezenverklaring maar vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn.