ECLI:NL:HR:2005:AU3941
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- J.W. van den Berge
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking cassatieberoep in omzetbelastingzaak
Na intrekking door de Staatssecretaris van Financiën van het cassatieberoep tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage inzake een naheffingsaanslag omzetbelasting, verzocht belanghebbende om vergoeding van proceskosten.
De Hoge Raad beoordeelde het verzoek op grond van artikel 29f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, dat vergoeding van kosten alleen toelaat voor kosten gemaakt in het cassatiegeding.
Uit de specificatie van de kosten bleek dat deze uitsluitend betrekking hadden op de beroepsprocedure bij het hof en niet op het cassatiegeding. Daarom werd het verzoek afgewezen.
De Hoge Raad wees het verzoek tot vergoeding van proceskosten af en bevestigde dat artikel 29f AWR alleen ziet op kosten gemaakt in cassatie.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat de kosten niet voor het cassatiegeding zijn gemaakt.