ECLI:NL:HR:2005:AU6023
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdige ter post bezorging beroepschrift in belastingzaak
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1997 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd. Tegen de aanslag werd bezwaar gemaakt, dat door de Inspecteur niet-ontvankelijk werd verklaard. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat het beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens overschrijding van de beroepstermijn. Belanghebbende deed verzet tegen deze uitspraak, maar het Hof verklaarde het verzet ongegrond.
In cassatie stelt belanghebbende dat het beroepschrift tijdig ter post is bezorgd, maar deze stelling werd niet eerder aan het Hof voorgelegd. De Hoge Raad oordeelt dat het Hof ambtshalve mocht beoordelen dat het poststempel bepalend was voor de termijn en dat er geen reden was om aan te nemen dat het beroepschrift tijdig was verzonden. De nieuwe stelling van belanghebbende dat het beroepschrift persoonlijk in de brievenbus is gedeponeerd kan in cassatie niet worden onderzocht.
De overige klachten van belanghebbende worden verworpen zonder nadere motivering. De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het Hof heeft terecht het beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.