ECLI:NL:HR:2005:AU6037

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 november 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
01817/05 H
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Herziening
Rechters
  • C.J.G. Bleichrodt
  • J.P. Balkema
  • H.A.G. Splinter-van Kan
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 27 WwmArt. 457 SvArt. 459 SvArt. 460 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek wegens ontbreken nieuwe feiten

De zaak betreft een verzoek tot herziening van een arrest van het Gerechtshof te Arnhem, waarbij de aanvrager was veroordeeld voor handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet wapens en munitie. De Hoge Raad beoordeelt of het verzoek voldoet aan de wettelijke eisen voor herziening, met name of er nieuwe feiten zijn die bij het oorspronkelijke onderzoek niet bekend waren en die het onderzoek zouden kunnen beïnvloeden.

De Hoge Raad stelt vast dat de aanvrage geen nieuwe feitelijke omstandigheden bevat die het ernstig vermoeden wekken dat het onderzoek tot een andere uitkomst zou leiden, zoals vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging. Daarnaast voldoet de aanvrage niet aan de vereiste inhoudelijke opgave van bewijsmiddelen die deze feiten zouden moeten staven.

Op grond van artikel 459 en Pro 460 van het Wetboek van Strafvordering kan het verzoek daarom niet worden ontvangen. De Hoge Raad verklaart het verzoek tot herziening niet-ontvankelijk en bevestigt daarmee de eerdere veroordeling en het arrest van het hof.

Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van nieuwe feiten.

Uitspraak

1 november 2005
Strafkamer
nr. 01817/05 H
AM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op een aanvrage tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 9 maart 2004, nummer 21/004297-03, ingediend door mr. C.F. Korvinus, advocaat te Amsterdam, namens:
[Aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1948, wonende te [woonplaats].
1. De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Zwolle, zitting houdende te Lelystad, van 8 augustus 2003, voorzover aan 's Hofs oordeel onderworpen - voorzover voor de beoordeling van de aanvrage van belang, de aanvrager ter zake van 2. "handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet wapens en munitie" veroordeeld tot een geldboete van vijftig euro, subsidiair één dag hechtenis.
2. De aanvrage tot herziening
De aanvrage tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de aanvrage
3.1. Als grondslag voor een herziening kunnen, voorzover hier van belang, krachtens het eerste lid, aanhef en onder 2° van art. 457 Sv Pro slechts dienen een of meer door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden van feitelijke aard die bij het onderzoek op de terechtzitting niet zijn gebleken en die het ernstig vermoeden wekken dat, waren zij bekend geweest, het onderzoek der zaak zou hebben geleid hetzij tot vrijspraak van de veroordeelde, hetzij tot ontslag van rechtsvervolging, hetzij tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot toepasselijkverklaring van een minder zware strafbepaling.
3.2. Art. 459 Sv Pro schrijft voor dat de aanvrage tot herziening inhoudt de omstandigheid als hiervoor bedoeld, waarop zij steunt, en verder een opgave bevat van de bewijsmiddelen waaruit van die omstandigheid kan blijken.
3.3. Het in de aanvrage gestelde behelst niets wat kan worden aangemerkt als een beroep op omstandigheden van feitelijke aard als hiervoor onder 3.1 vermeld. De aanvrage kan daarom, gelet op de art. 459 en Pro 460 Sv, niet worden ontvangen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de aanvrage niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C.J.G. Bleichrodt als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 1 november 2005.