ECLI:NL:HR:2005:AU9062
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek mishandeling
De zaak betreft een aanvrage tot herziening van een arrest van het Gerechtshof te Arnhem waarin de aanvrager was veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf wegens mishandeling. De Hoge Raad beoordeelt of de aanvrage voldoet aan de wettelijke vereisten voor herziening, met name of er nieuwe omstandigheden zijn die bij de eerdere terechtzitting niet bekend waren en die het ernstig vermoeden wekken dat het onderzoek tot een andere uitkomst zou leiden.
De Hoge Raad stelt vast dat de aanvrage niet voldoet aan de criteria van artikel 457 en Pro 459 Sv, omdat de aangevoerde omstandigheden niet kunnen worden aangemerkt als nieuwe, relevante feiten of bewijsmiddelen die het onderzoek zouden beïnvloeden. Hierdoor kan het verzoek niet worden ontvangen.
De Hoge Raad verklaart daarom het verzoek tot herziening niet-ontvankelijk en bevestigt daarmee de eerdere veroordeling. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 20 december 2005.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard.